Zonder planten heb je geen tuin. Een stelling waar iedereen het mee eens is en waar ook het woordenboek over mee kan praten: een tuin wordt daarin beschreven als een “omheind of afgeperkt stuk grond, behorende bij een huis en daaraan sluitende, of het omgevende, waar bloemen geweekt of groeten enz. geteeld worden”. Er wordt niets gezegd over de aanwezigheid van paden of terrassen, terwijl die ook een essentieel onderdeel van de tuin vormen. Vaak worden er tegels gebruikt om deze aan te leggen, die kunnen variëren van betonnen stoeptegels tot sierlijke, authentieke kinderkopjes.

Hoewel dat laatste ook een mogelijkheid is, kiezen de meeste mensen ervoor om (een deel van) hun tuin te plaveien met tegels. Maar bij een tuinarchitect aankloppen en zeggen dat je ‘tegels’ wilt heeft niet zoveel nut. Er zijn ontelbaar veel soorten. En zelfs wanneer je hebt uitgezocht wat voor soort tegel je graag wilt, ben je nog lang niet klaar. Veel tegels zijn namelijk verkrijgbaar in meerdere kleuren en tinten. Ook het formaat is van groot belang. Kleine tegels geven namelijk een heel ander beeld van tegels van een forser formaat. Die laatste toen het vooral goed in een grote, ruim opgezette en strak getekende tuin, terwijl de kleinere tegeltjes minder aandacht vragen en beter in een kleine tuin passen.

Als je bovenstaande knopen hebt doorgehakt en je precies weet welke tegels jouw tuin mogen afmaken kan het leggen ervan beginnen. Het feit dat het beroep stratenmaker nog steeds bestaat geeft al aan dat dat geen klusje is voor een vrije middag. Zoals zovaak is een goede voorbereiding essentieel. Wanneer je dat niet doet zie je dat vroeg of laat aan het terras of het tegelpad af. Als je het geld er dus voor over hebt is het verstandiger om een tuinman of echte stratenmaker langs te laten komen. Zit dat er niet meer in, dan is het in ieder geval handig om een handige buur of kennis te vragen. Samen ben je niet alleen sneller klaar, maar als duo maak je ook minder snel een fout. Twee paar ogen zien immers meer dan één!