Een ander woord voor dolomiet is bitterspaat. Dit is een gesteente dat voor het grootste gedeelte uit een carbonatisch mineraal bestaat. Het gesteente wordt ook dolosteen genoemd. Dolomiet lijkt qua voorkomen veel op calciet met als enige verschil dat dolomiet niet of nauwelijks op kan lossen in zoutzuur. Dolomiet dank zijn naam aan de Franse geoloog Déodat de Dolomieu die leefde in de achttiende eeuw. Deze wetenschapper ontdekte het mineraal in de bergketen die, tot op de dag van vandaag, de Dolomieten wordt genoemd.

Hoe dolomiet wordt gevormd is niet precies duidelijk. Het is mogelijk dat dolomiet in ondiep subtropisch zeewater ontstaat. Het ontstaan op een andere wijze is echter niet uitgesloten. In de meeste gevallen ontstaan dolomiet niet door sedimentatie. Toch wordt dolomiet gerekend tot de sedimentaire gesteenten.

Dolomiet wordt gebruikt als natuursteen of verwerkt in cement. Het is uitermate geschikt als bouwmateriaal of te gebruiken voor het leggen van onder andere opritten en terrassen. Men kan hierbij kiezen tussen een oprit die is vervaardigd van kleine dolomietsteentjes of dolomiet dat in cement is verwerkt.
Door het gebruik van cement voorkomt men dat er dolomietsteentjes in het rond vliegen.

Bij de aanleg van een dergelijke oprit dient men wel een goede waterdoorlatende fundering aan te leggen die wordt afgedekt met bijvoorbeeld anti-worteldoek. Hierdoor voorkomt men dat er onkruid tussen de steentjes door gaat groeien (bij het gebruik van cement is dit natuurlijk niet nodig). Bovendien kan men de steentjes eenvoudig weghalen zonder dat er al te veel rommel ontstaat.